Service & Storing

24-uurs servicedienst

Bel bij storing: 0318 - 69 00 88
of vul hier het storingsformulier in.
In geval van nood buiten kantooruren kunt u direct contact opnemen met onze rayonmanagers. Wij doen ons best u zo snel mogelijk te helpen, 24 uur per dag!

Het inrichten van uw laadstation

Volgens de BMWT normen dient een laadstation aan onderstaande punten te voldoen, waarvan de punten aangegeven met een * mogelijke afkeurpunten zijn:  

Toegankelijkheid
De gebruikers van het laadstation moeten alle onderdelen kunnen bereiken. Er mogen geen niet-benodigde losliggende delen zijn.  

Opstelling
Trucks, elektrische handpallettrucks e.d. moeten onderling een tussenruimte hebben van 60 cm of meer. Wisselbatterijen moeten minimaal een onderlinge afstand hebben van 30 cm. Laders moeten zodanig zijn opgesteld, dat de kans op aanrijdingen minimaal is.  

Elektrische aansluiting randapparatuur
* Alle laders in gebruik genomen vanaf 1 januari 1996 dienen volgens de CE-norm aangesloten te worden.
* De lader moet zo staan dat de aan/uit knop goed kan worden bediend.
* De hoofdschakelaar dient zodanig geïnstalleerd te zijn dat men, voordat de kast geopend wordt, de netspanning kan afschakelen om spanningsloos te kunnen werken.

Persoonlijke beschermingsmiddelen Safetybord
Voor persoonlijke bescherming dienen aanwezig te zijn:
1.      Rubber schort
2.      Rubber handschoenen
3.      Veiligheidsbril
4.      Oogdouche (let op houdbaarheid!)*
5.      Veiligheidsvoorschriften*
6.      Brandblusser
7.      Veiligheidsschoenen met stalen neus  

Aanwezigheid gecertificeerd hijsgereedschap 
* Indien er gebruikt wordt gemaakt van hijsgereedschap zoals harpsluitingen, haken, hijsbanden e.d. dienen deze gekeurd te zijn volgens de CE-norm.* 
* Bij gebruik van een hijsjuk dient er een keuringscertificaat aanwezig te zijn.            

Ventilatie  
Op basis van ISO normen en de adviezen van de arbeidsinspectie, dient een laadstation geventileerd te worden om het vrijkomende waterstofgas af te voeren. De ventilatie dient plaats te vinden door middel van buitenlucht, en dient afgestemd te zijn op het met vijfvoudige zekerheid voorkomen van een concentratie van 4% waterstofgas in de lucht van de ruimte.  

Hieruit volgt de formule voor berekening van de benodigde ventilatiehoeveelheid: Q = 0,055 x N x I       (m3/h)  
Q         : Luchtdebiet in m3/h
N         : Aantal cellen
I          : Nominale laadstroom in Ampère’s  

Bij traktiebatterijen met een afnemende laadkarakteristiek voor de nominale laadstroom dient een waarde ingevuld te worden, die wordt opgenomen tegen het einde van het laden van de batterijen: het moment dat de meeste waterstofgas ontwikkeling optreedt. Volgens ISO normen  bedraagt de laadstroom op dat moment 50% van de nominale laadstroom.  

De formule wordt dan: Q = 0,055 x N x (I x 50%)     (m3/h)  

Rekenvoorbeeld
In een hal staan de volgende batterijen en laders opgesteld:  
1 batterij 48V – 450 Ah  (1 x 24 cellen) met lader (1 x 80 Amp.)
3 batterijen 24V – 330 Ah (3 x 12 cellen) met laders (3 x 50 Amp.)  

De berekening wordt als volgt:  
Q = 0,055 x 24 x (80 x 50%) = 52,8 m3 x 1  =           52,8 m3
Q = 0,055 x 12 x (50 x 50%) = 16,5 m3 x 3  =           49,5 m3   +
                                                            Totaal             102,3 m3  

De inhoud van de hal bedraagt 50 x 50 x 7 meter     =         17.500    m3
Van deze 17.500 m3 is 75% belegd                           =         13.125    m3  -
                                                                        Totaal              4.375    m3
Uitkomst berekening, totaal                                                       102,3 m3  -                                                            Overcapaciteit                                                                         4.272,7 m3  

Indien het luchtdebiet Q uit de formule kleiner is dan de enkelvoudige inhoud van de ruimte, kan worden volstaan met natuurlijke ventilatie van de ruimte. Dit geldt alleen voor ruimten die voorzien zijn van voldoende deuren en vensters en voldoende roosters en/of afvoerkanalen.

Praktijkrichtlijn Veilig werken bij het laden van tractiebatterijen - NPR 3299
Deze praktijkrichtlijn is van toepassing op de inrichting van laadruimten en laadplekken, uitsluitend voor industriële toepassingen, voor tractiebatterijen en/of semi-tractiebatterijen en de uitvoering van werkzaamheden in deze ruimten en op deze plekken. Deze praktijkrichtlijn is niet van toepassing op laadruimten en laadplekken voor:
- stationaire batterijen;
- verplaatsbare batterijen, anders dan tractiebatterijen en semitractiebatterijen;
- batterijen voor niet-industriële toepassingen zoals batterijen voor rolstoelen e.d.

Klik hier op de NPR 3299 te downloaden.

Bellstraat 12 | 6716 BA Ede | T 0318 69 00 88 | F 0318 69 02 36 | Kvk-nr 09087929 | info@r-w.nl